
| Tentoonstelling Fraeylemaborg |
|
|
|
|
En zo ineens ligt er een mail van de Fraeylemaborg in mijn postvakje, huh, wat wil de Fraeylemaborg van mij ??
De Fraeylemaborg is één van de borgen die wij als inspiratie gebruiken voor onze Lutjeborgh. Om een lang verhaal kort te maken, de vraag was of wij onze Lutjeborgh beschikbaar wilden stellen voor een tentoonstelling. Ja en daar sta je dan, wil je dat ? Het is een hoop werk en je bent je huis wel 6 maanden kwijt, een groot gat in de huiskamer. Aan de andere kant, wat is er mooier dan je huis tentoonstellen op een plaats waar de inspiratie vandaan komt? Samen met een paar andere mensen die hun sporen in de poppenhuiswereld wel verdient hebben? Een grote eer dus en wij hebben dan ook toegestemd. Wie de Lutjeborgh in het echt wil zien heeft nu de kans door de tentoonstelling "Klein Behuisd" op de Fraeylemeborg in Slochteren te bezoeken. ![]() (Links de bel van de Lutjeborgh, rechts het origineel van de Fraeylemaborg)
“Klein behuisd!”Poppenhuizen en –interieurs uit de 19de en 20ste eeuw Veel mensen hebben dierbare herinneringen aan een poppenhuis, vaak eigenhandig gemaakt door een handige vader of opa en ingericht door een creatieve moeder. Toch waren poppenhuizen eeuwenlang geen kinderspeelgoed, maar kostbare objecten die de vrouw van goede huize kon vullen met haar verzamelde inboedel. Dit soort pronkpoppenhuizen kun je nu nog vinden in bijvoorbeeld het Rijksmuseum in Amsterdam, en in musea in Haarlem of Den Haag. In de loop van de 19e eeuw nam de fabricage en verkoop van poppenhuizen en kamers steeds meer toe. Je kon er mee spelen en leren tegelijk. Poppenhuizen en keukens zouden namelijk het inzicht in het huishouden bij meisjes vergroten. Spelenderwijs konden ze leren hoe het dagelijks werk in elkaar stak. Oude speelgoedcentra als Neurenberg en Parijs namen poppenhuizen in productie, gemaakt van hout dat met papier was beplakt. De uitvinding van de lithografie maakte het mogelijk om baksteentjes, dakpannen, vloerkleden en behang op papier te drukken. Verder werden er in grote hoeveelheden miniatuurvoorwerpen voor poppenhuizen gemaakt. In Parijs waren er omstreeks 1870 zoveel bedrijfjes waar spulletjes voor poppenhuizen werden geproduceerd, dat er een complete straat mee was gevuld. In Duitsland begon de Firma Marklin (later beroemd om zijn treinen) met het maken van poppenhuismeubeltjes, de start van een langdurige en gevarieerde productie. De poppenhuistentoonstelling op het landgoed Fraeylemaborg wordt op twee locaties gehouden.In de Expositiezaal van de Boerderij zijn de collecties te zien van Petra Boerema en Irene Jager. De ruim 120 poppenhuizen, -kamers en winkeltjes van deze enthousiaste verzamelaars dateren voornamelijk uit de 20ste eeuw en leveren veel herkenning en kijkplezier op. Zij omschrijven dat als “een kleine wereld, ook voor grote mensen!” In de Fraeylemaborg prijken fraaie poppenkamers, keukens en winkels uit de Markesa collectie. Deze opmerkelijke verzameling komt oorspronkelijk uit het Duitse Ertsgebergte. De pronkstukken dateren uit de periode 1860 tot 1920. Waren de keukens en kamers vroeger vooral voor meisjes geschikt educatief speelgoed, jongens konden met de winkels en de (paarden)stal spelend leren. De zeer gedetailleerd ingerichte interieurs worden bewoond door talloze poppen, elk met een eigen persoonlijkheid. De publicatie “Pracht en praal op kleine schaal” (Zwolle, 2006) zet deze Markesa collectie in de schijnwerpers en is bij deze expositie verkrijgbaar. website Irene Jager: Virtueel Poppenhuis Museum
|